DOC

Schoutsrekening 080

By Gary Stewart,2014-06-23 18:36
7 views 0
Schoutsrekening 080

Meierijse Schoutsrekeningen

toegang 1107

    computerbestand 080

    inventarisnummer 12996

    16 microfiches

INDEX OP MEIERIJSE SCHOUTSREKENING

    computerbestand 080 inventarisnummer 12996

    16 microfiches

    familie- en plaatsnamen, bijzonderheden en verklaringen

MICROFICHE 1 inventarisnummer 12996

FAMILIENAMEN [kan meerdere keren voorkomen]

    Aben, Achelen van, Aertssoene, Alaertssoene, Amersoijen van, Back, Baetkenssoen, Bakele van, Beckerssoene, Beekere de, Befs van, Best van, Bock, Boogaerde van den, Borchgreven, Boyensoen, Broeckmanssoen, Bruessele van, Bruyn den, Buckynck, Bunnens, Bus[s]el van, Clercs, Coelen, Corencooper den, Crollensoene, Dale van den, Deenkens, Dicbier, Dieperbeke van, Druckers, Dyck van den, Eeckaerts, Engelbrechts, Engelen van, Eraerts, Gauderen van, Geldrop van, Geloeften van, Geritszoen, Geroncx, Ghybensoen, Ghysbrechtssoene, Goessens, Goyenzoen, Goyer den, Groene die, Gruyters die, Guese, Hadewygen, Hamme(nsoen), Hapaert, Hasenvanger, Heese van, Heijm, Hellu van, Helvoert van, Henricxsoene, Hermalen van, Heyden van der, Heynen, Heynszoen, Hoerne van, Hoppenbrouwer die, Horrick van den, Houbraken, Houter van den, Huybenzoen, Huys, Janssoen, Joestenzoene, Kelchterman, Kerkhove van den, Kessel van, Keysers, Lambertssoene, Lancxvelt van, Leeuwe den, Lemmens, Leytensoen, Liebergen van, Loemel van, Loeniszoen, Luttgelmanssoene, Lybrechts, Malseel van, Mantmekers, Matheeussoen, Mechelen van, Meeus(soen), Megen van, Mers, Mesmakere den, Millinck, Mollen der, Moller den, Nellen, Noots, Nuwenhuijs van den, Oden, Offuris, Olmen van, Ossche van, Ouden den, Peeltenaren den, Ravenackere van den, Robbenszoene, Roelensoene, Roelofssoene, Roover den, Runsfort, Rutten, Scheelheynen, Scoemakere den, Slechten, Sloet van der, Slootmaker den, Slotelpenninck, Smeets(soene), Spellemakere den, Spoer, Stappaertszoen, Steen van den, Steenwechs, Swuestensoen, Symoenssoene, Tardewyck van, Theeuszoen, Thilborch van, Thoeren van, Verheese, Verwerssoene, Voet, Vranckenzoen, Weduwer der, Weyndelensoene, Wijflet, Willemssoene, Wouterssoen, Ywainszoen, Zoene die, Zoers van, Zwerverssoen,

PLAATSNAMEN [kan meerdere keren voorkomen]

    Antwerpen, Bakel, Beers [Tonghelsche Hoeve], Bergeijk, Berlicum, Blaarthem, Boxtel [heer], Breda, Breugel, Brussel [poorter], Deurne, Driel, Dungen den, Eersel, Eindhoven, Empel, Engelen, Erp, Gaasbeek [heer], Geldrop, Gelre [land van], gerwen, Gewande, Groot Lith, Hersel onder Lierop, ‟s-Hertogenbosch [Alden Huls, Berwoutstrate, Coepoorte,

    Cruysbruederenpoerte, Gevangenpoert, in de Haen, Hynthemereynde, jonge schutten, Lombaerden, Minderbruedereren, Ortenstrate, Steenpoert, Tolbrugge, Vucherendijck], Heusden, Hilvarenbeek, Kempenland, Keulen, Kleef, Leende, Knegsel, Lent, Leuven [poorter, schepenen], Lierop, Liessel [lantweer], Lithoijen [vorster], Lommel, Loon [land van], Maasland, Maren [vorster], Mechelen, Mierlo, Nijmegen [poorter], Nuenen, Nuland, Oerle, Oirschot, Oisterwijk, Opwetten, Oss, Peelland, Rosmalen [opte Cruy[s]strate, vorster], Schijndel [vorster], Sint Michielsgestel, Sint Oedenrode, Son, Stiphout [te Kemenaden],

    Tongelre, Trier, Veghel [persoen, vorster], Vessem, Vught [herberg de Ruyspijpe], Wetserhoven, Wintelre

BIJZONDERHEDEN en VERKLARINGEN met bladnummer

    de Bossche schepenen zijn te hoofde gegaan te Leuven vanwege het „tonneke‟[1.1.7]; tonnetje met juwelen ter waarde van 6000-8000 pond afkomstig van Henrick van Amersoijen te Nijmegen [1.1.9]; vermelding van het testament van Henrick van Amerzoijen met executeur dedetestamentair Mr. Joest van Mechelen [1.1.9]; 3 en 10 penning [in diverse nummers];

    Mr.Joose van den Dale van de predikherenorde is de biechtvader van Henrick van Amersoyen [1.1.11]; buggeryen = ketterijen [1.2.10]; executie „metten brande‟= brandstapel [1.2.10]; in „zynen scherpen examen‟ of „inder scherper examinacien‟= de strenge ondervragingen na een misdaad vaak op de pijnbank [1.2.10]; vorster van Lithoijen [1.2.11]; de Gevangenpoort of Steenpoort te „sBosch [1.2.11]; de landweer bij Liessel [1.2.12]; de „Jonge Schutten‟ uit Den Bosch kwamen naar Liessel om de delinquent op te halen en naar „sBosch te vervoeren

    [1.2.12]; de Minderbroeders in „sBosch worden genoemd [1.2.12]; de driedeling nl. „doodslagers, dieften en diverse avontueren‟ wordt gecontinueerd [diverse nummers]; diefstal van een „coralen pater noster‟ bekend als vijftig – rozenhoedje [1.3.1]; herberg de Ruyspijpe

    te Vught [1.3.1]; in den Haen in de Berwoutstraat [1.3.1]; gauderen der Blyder Incompst : gauderen = het gebruik of genot van iets hebben m.a.w….. was het in die tijd zo dat men op basis van de Blijde Inkomst [het charter van 3 januari 1356] kwijtschelding of strafvermindering kon verwachten of is hier de dag bedoeld dat de Hertog van Brabant de stad ‟s-Hertogenbosch bezoekt en een soort algemene gratie wordt afgekondigd? [in diverse nummers]; ruiten worden ingegooid van de Kruisbroederpoort [1.3.2]; ruiterknechten die gediend hebben in de Gelderse Oorlogen [in diverse nummers]; gebloetreijst = dat iemand een stevige bloedige wond is toegebracht; soms ontmoet men posten over zgn. veelplegers, waar dus diverse misdaden tegelijk van worden opgesomd [zie: 1.3.3, 1.3.5, 1.3.7]; iemand wordt getypeerd als „ouden schout ende vleeschouwer‟ [1.3.7]; Lambrecht Millinck is hier onderschout of laagschout van „sBosch [1.3.8]; meisjes van lichte zeden worden ook wel

    aangeduid als „lichte deeerne‟ [1.3.9]; Henric Heijm is in deze tijd schout van Maasland [1.3.12]; , mit eenen boute geschoten‟= met een pijl geschoten [1.4.5]; vorster van Rosmalen is Wouter van den Nuwenhuijs [1.4.6]; vorster van Maren is Symon Buckynck [1.4.6]; Gelderse Oorlog tegen de Roomse Koning [1.4.7]; de vorster van Veghel is een zekere Jan Geritssoen die overlijdt aan een messteek [1.4.8]; de persoen of pastoor van Veghel [1.4.9]; Hendrick van Geldrop is een bastaardzoon van Philips [1.4.10]; „een stuck specx van den

    balcke‟= een stuk spek dat in de schouw hing [1.4.11]; ym of byestock = bijenkorf [1.4.12]; verschillende posten melden dat iemand door zijn verwondingen verlamd is geraakt aangeduid met „geleem(p)t‟ of verleemd‟ [o.a. 1.5.3]; optreden van de ingebieder van „sBosch Lucas van Megen op het platteland in de Meierij [1.5.4]; de Tonghelsche Hoeve onder Beers….is dat een pachthoeve van de abdij van Tongerloo ? [1.5.9]; paardendiefstal in de stallen van de Heer van Gaasbeek te Geldrop [1.5.11]; Ghysbrecht die Hoppenbrouwer is stadhouder van de rentmeester van ‟s-Hertogenbosch [1.5.12]; beroepen in deze rekening

    buiten de overheidsfunctionarissen: biechtvader 1.1.11, volder 1.2.9, moller 1.2.10, spellemaker 1.2.11, straatrover 1.2.11, hasenvanger 1.2.12, slootmaker 1.2.12, corencooper 1.3.4, vleesch[h]ouwer 1.3.7, lynenwever 1.3.9, nastelmaker 1.3.9, mesmaker 1.3.9, verwer 1.4.1, bontwercker 1.4.1, mersmenneken 1.4.3, tymmerman 1.4.4, pertscoeper 1.4.7, scoemakere 1.5.4, cremerken 1.5.8, mantmeker 1.5.9 en drucker 1.5.9.

MICROFICHE 2 inventarisnummer 12996

FAMILIENAMEN [met weglating van het element soen of zoene]

    Aben, Aelst van, Aerts, Akeren van, Ambrosius, Arenberch van, Asten van, Back, Barradot, Becker, Beer die, Beerse van, Berck van, Berlaer van, Best van, Beurt van, Boegaerde van den, Braken van der, Brants, Bree van, Brekelman, Brueder, Bruyne[n] die, Bruytens, Buckinck, Byezen, Claps, Clercs, Coelen, Coenincx, Colve, Coopmans, Damen, Deckere den of Deckers, Denens, Dicbier, Dierics, Doeren van den, Doirne van, Donckers, Droechscheerders, Dumont, Egberts, Emonts, E[r]tsroode van, Everaerts, Faessen, Gasselt van, Ghestel van, Ghysel, Ghyselbrechts, Goessens, Gorinchem van, Goyaerts, Goykens, Grueningen van, Gruyters, Haeckmaker, Haghens, Haren van, Hartscheens, Heel van, Helmont van, Hermalen van, Hermanss, Heyen, Hoirne van, Hujoel, Hulthen van, Huybens, Jacops, Joesten, Jordens, Kerkhoff, Ketelbueters, Ketelers, Korstkens, Lambrechts, Leeuwe, Lemmens, Leppers, Leytens, Lijsbetten, Longin, Lo[e]yen, Loyman, Luttelmans, Lyessent van, Maes, Meeussen, Merode van, Mesmaker(s), Meyers, Meys, Michiels, Milmans, Molder den en die Moller, Nellen, Noet, Nollen, Nuwenhuys van den, Nyeleman, Overleynder, Pallans, Passen, Peeters, Pels, Penninck, Persoens, P[i]etershem van, Poppels, Rademakers, Ranst van, Reeck van, Roevers, Rombouts, Rutten, Ruyters, Quackeler, Salms de, Sande van den, Scheerders, Severyns, Seynsens, Slypen van, Smet de, Smetsers, Spelleken, Spoeren, Stegen van der, Thibault, Thoren van, Tops, Trappaert, Trompet le, Vauldrey de, Velde van den, Velpens, Vergey de, Verhautert, Voet, Voirt van der, Vos, Werdinghen van, Westerhoven van, Wevere die, Weygergancks, Weyndelen, Witmans, Wouters, Wytkens, Zalen, Zassen, Ze[e]len

PLAATSNAMEN

    Aalst, Bakel, Beers, Beest [hooghuis], Bergeijk, Berlicum, Best, Boxtel [heer], Brugge, Brussel, Deurne, Eersel, Eindhoven, Esbeek, Esch, Friesland, Gelre, Gestel, Gorinchem, Groot Lith, Heesch, Helmond [Bindersedijk, godshuis van Binderen, heer], ‟s-Hertogenbosch

    [galg, gevangenpoort, H.Geestmeesters, Houthuyn in de Orthentsraat, Jonge Schut, Onze Lieve Vrouw in de Sint Jan, Sint Jacopskapel met O.L.V.altaar, Verwerstraat, Windmolenberg], Hilvarenbeek, Hintham, Hulsel, Kempenland, Kessel, Lage Mierde, Loon [Heyeneynde], Luik [prost], Maasland, Middelbeers [prochiaen of pastoor], Middelrode [watermolen ter Steen], Milheeze (Millis), Nijmegen, Oerle, Oirschot [H.Geestbeemd, Notel[en], Spoordonk ook: Spaerdonck], Oisterwijk [kapelaan, kerkhof, vierschaar], Opwetten, Orthen, Oss, Peelland, Rijssel, Rosmalen, Schijndel, Sint Oedenrode, Someren, Straatsburg, Stratum, Tongelre, Udenhout, Utrecht, Veghel, Veldhoven [kermis], Vessem, Westerhoven, Zaltbommel

BIJZONDERHEDEN en VERKLARINGEN

    vroentcosten = kosten gemaakt op de gevangenpoort die in rekening wortden gebracht door de „vroenteners of bewaarders‟ van de poort als iemand voor zijn executie enige dagen in op de gevangenpoort moet doorbrengen tegen 1 stuiver per dag [2.1.1]; fortselyc= met geweld [2.1.1]; huycken = lange (over)mantel [2.1.1]; uit de tekst is af te leiden dat ook vorsters een stadhouder hadden die ondervorster genoemd werd [2.1.1]; er wordt een gebod afgekondigd in de kerk van Vessem 2.1.1]; te meer stonden gevaceert = meerdere keren van huis geweest vanwege zijn functie [2.1.1]; recompense = vergelding [2.1.2]; geconverseert met eenen vrouwen = soms ook genoemd: vleselijke conversatie = gemeenschap met een vrouw hebben

    [2.1.3]; een kynt gecregen int wilde = een buitenechtelijk verwekt kind [2.1.3]; scapenmes = schapenmest [2.1.3]; sonder kerstenheyt te hebben = vermoedelijk: zonder (christelijk) gedoopt te zijn [2.1.3]; prochiaen van Beerse = de dienstdoende pastoor of parochiepriester [2.1.3]; H.Geestbeemd is hier een verwijzing naar de H.Geesttafel [2.1.3]; persicboom = perzikboom [2.1.4]; Nedermierde = Lage Mierde [2.1.6]; Hulsen = Hulsel [2.1.6]; een roede torfs = mogelijk turf die is afgestoken op één roede land de normale uitdrukking is 1 voeder

    of karrevracht turf, dus het kán zijn dat we met een verschrijving rekening moeten houden [2.1.7]; cleyne pluysingen = kleine dingen [2.1.8]; geleem[p]t of verleem[p]t = verlamd [2.1.9]; halfheerlijkheid Hilvarenbeek half de hertog en half de Heer van Merode [2.1.11]; een jonck meijssen ontscaect = een jong meisje ontvoerd [2.2.2]; vernieuwingen rond de galg in Den Bosch nl. ladder, bomen, ijzeren banden en een nieuw zeel of touw [2.2.5 en 2.2.6]; coralen pater noster bij Onze Lieve Vrouw in de Sint Jan [2.3.2]; twee voederen torfs = twee karrevrachten turf [2.3.2]; eender vrouwen van lichtenen leven = een hoertje, waarbij de vinger wordt afgehakt [2.3.4]; scro[e]iten = stuk snijden vgl. schrode = het snijden van iets [2.3.6]; een kelk voor het Onze Lieve Vrouwe altaar in de Sint Jacopskapel te „sBosch [2.3.6];

    contrarie synder carthen = in strijd met de gildekaart i.c. het gilde van de speldenmakers [2.3.6]; brand te Oss [2.3.6]; geloopen opten huysman = vermoedelijk bedoeld dat men de bevolking op het platteland eten en drinken heeft afgeperst of niet betaalde toen men wegging [2.3.7]; de Peyse van Geldre = de Vrede van Gelre na een van de vele Gelderse Oorlogen [2.3.7]; Kessel onder de heerlijkheid Boxtel is niet geheel duidelijk….[2.3.11]; de dijk die voor het klooster Binderen door loopt te Helmond [2.3.12]; Heer Dionysius wordt kapelaan genoemd te Oisterwijk - Schutjes laat zijn kapelaanslijst pas beginnen in 1550 [2.4.3]; ad cautelam = uit voorzichtigheid of voorzichtigheidshalve [2.4.4]; de schepenen van Oisterwijk die op het kerkhof in vergadering bijeen zijn of zich aldaar in ieder geval hebben verzameld [2.4.4]; er wordt gesproken over de brand van Oisterwijk [2.4.4]; slyckhoop = mesthoop, vuilnishoop [2.4.11]; een gevangene die in „zyn lynden cleederen‟ naar „sBosch werd

    vervoerd [2.4.11]; in de vorcke hangen = een onderdeel van de galg of strop nl. een soort wig van boomtakken (?) [2.4.12]; doen graven in loco profano = een vrouw die zichzelf van het leven heeft beroofd wordt op een profane plaats begraven, dus op ongewijde aarde [2.4.12]; eenen enckelen gouden corvorsters = een gulden geslagen door de keurvorsten aan de Rijn, eigenlijk een andere benaming voor de bekende Rijnse gulden [2.5.1]; de Jonge Schut van „sBosch in tegenstelling tot de Oude Schut [2.5.2]; iemand met één oog Dierick mit eender

    oeghen [2.5.3]; met de Hertog van Zassen zal Aelbrecht van Saxen bedoeld zijn [2.5.7]; het dorp Beest bezat blijkbaar een hooghuis of kasteeltje/slotje [2.5.7]; kermis te Veldhoven [2.5.9]; accuseren = aanklagen, beschuldigen [2.5.11]

MICROFICHE 3 inventarisnummer 12996

FAMILIENAMEN [met weglating van het element soen of zoene]

    Aben, Aelbrechts, Appelcroes, Appels, Becker den, Berck van, Bernts, Bleyckstocksteen, Block, Boerken, Bregilles, Bugens, in die Clock, Cloot, Cocks, Cruys[s]e[n], Dicbier, Dircks, Doeren van den, Driessen, mitten Duym, Eliassen, Emonts, Engelen van, Ermalen van, Floyen, Frantze, Gennep van, Gerits, Gheffens, Ghyb, Ghys[s]elen, Goessens, Gorinchem van, Goyaerts, Groethooft, Grueninghen van, Gunterslaer van, Heijden van der, Heyen, Heze van, Hoeve[n] van den, Houtappel, Hoymaker den, Hoysch, Jacobssen, Joerdens, Katherynen, Keelen van den, Keer den, Lemmens, Loenis, Longin, Lu die, Mannarts, Meeus, Melis, Merode van, Millincx, Molder die, Otten, Overmeer van, Palm, Peeters, Pelgrem/Pelgrom, Pieckeniers, Pietershem van, Pijnappels, Ponsendael van, Roelen, Roosendael van, Ruttens, Sacdrager de, Scheermans, Schellens, Slyckfegers, Slypen van, Smet die, Snyder die, Spiers, Spreiggel of Sprengel, Stukens, Thay, Theeus, Toerren van, Tymmermans, Verbavelt, Verrijn,

    Verwer die, Vlemminck, Vroe[t]schepper, Weert van, Willems, Wolffsvinckel van, Wouters, IJsvoegel, Zebens, Zeberts

PLAATSNAMEN

    Aarschot, Alem, Alphen, Asten, Beest, Berghem, Berlicum, Bokhoven, Brabant [Brabantscher Eerde], Den Dungen, Deurne, Dongen, Drunen, Eersel, Empel, Engelen, Erp, Esch, Geffen, land van Gelder, Haaften, Haaren, Hedel, Heesch, Heeze & Leende, Helvoirt, Herlaer, ’s-Hertogenbosch [Dieze, Donk op de, galg, kaak, Korte Kamers, Oeteren op, Onze Lieve Vrouw door de stad in 1499 en 1500, Orthenstraat, Pickenpoort, Predikherenkerkhof, raadhuis, schut oude en jonge, Sint Janskerkhof, smedeliedenambacht, steenoven, Tolbrug achter die, Verwerstraat, Vughterendijk, Wilde Gans in de], Heusden, Hilvarenbeek, Hintham, Kempenland, Maasbommel, Maasland, Megen, Middelbeers, Moergestel, Munster [het Sticht van], Nieuwerkerk, Nijmegen, Oirschot, Oisterwijk, Orthen, Oss, Peelland, Ravestein, Riethoven, Rijn, Rome, Roosendaal, Rosmalen, Rossem. Schiedam, Schijndel, Schoonhoven [klooster van Onze Vrouwen Bruederen], Sint Michielsgestel [Gestelsche Heijde], Sint Oedenrode, Sluis, Udenhout, Veghel, Veluwe, Vlaanderen, Vught, Weert, Woerden

BIJZONDERHEDEN en VERKLARINGEN

    Janne de Bregilles genoemd als rentmeester generaal van Brabant [3.1.5]; ruiterknechten in gevecht met turfstekers te Asten [3.1.9]; oude en jonge schutten uit „sBosch die delinquenten komen ophalen om ze naar de stad te transporteren [3.1.9]; een scheymesse = vermoedelijk een mes dat uit een schede wordt getrokken [3.1.10]; eerst werd iemand met het zwaard onthoofd en vervolgens op een rad gezet [3.1.11]; de galg te ‟s-Hertogenbosch [3.1.11];

    „smaandags nadat men in „sBosch Onze Lieve Vrouw had omgedragen vgl. Stille Omgang

    [3.1.12 en 3.4.11]; gezworene te Drunen die eigenmachtig bepaalde keuren en breuken had opgeheven [3.2.1]; buggeryen = ketterijen [3.2.1]; ontvoeringszaak [3.2.2]; huis de Wilde Gans in „sBosch [3.2.3]; voor het raadhuis „sBosch vonden kennelijk berechtingen plats, want

    iemand gooide daar zijn hoed „in den rinck‟ = open ruimte waar mensen omheen staan [3.2.3]; steenoven te „sBosch [3.2.4]; strijd tussen Geldersen en de stad ‟s-Hertogenbosch [3.2.6];

    rijnse wijn die uit vaten werd gedronken [3.2.6]; aanval op de priester Heer Claes Houtappel [3.2.10]; medevenitten = compagnons of kameraden [3.2.10]; mulckvoetster = ………..[3.2.11]; opter Brabantscher eerde = op Brabantse grond of grondgebied [3.2.12]; int Gat vander Diesen te „sBosch = ……………..[3.2.12]; opvoering van een nieuwe post nl.

    „uutgeven extraordinarys‟[3.4.6]; vaten rijnse wijn die gebracht zullen worden „den Rijn aff‟ [3.4.8]; wapenschouw in de vrijheid van Oisterwijk [3.4.8]; de aflaat van Rome [3.4.9]; mitten baste aender galgen = met de strop aan de galg [3.4.11]; roeijdrager = roededrager vgl. groenroede [3.4.12]; lichte vrouwen in de Verwerstraat [3.4.12]; het hooghuis te Beest [3.5.2]; Heer Thomas priester en religieus van de Orde van de Onze Vrouwe Broeders uit het klooster te Schoonhoven [3.5.4]; dekens van het smedenambacht te „sBosch [3.5.4]; ordonnantie van de stad ‟s-Hertogenbosch op de bieren en de bijbehorende accijns in de stad en directe omgeving [3.5.5]; opvallend is dat er nogal wat misdaden zijn waar de schout „egheene volcomen waerheit en heeft moegen crygen‟, wat ook op dit microfiche frequent voorkomt; Sint Janskerkhof en Predikherenkerkhof te „sBosch [3.5.10]; beroepen: apothecarius,

    bedesetter, coopman, cremer, droochscheerder, gewantsnijder, hoijmaker, ketelbueter, mesmaker, metser, molder, rentmeester, sacdrager, schepen, scrynmaker, slyckfeger, smet, snijder, spel[de]maker, verwer, viscooper, voerman, vroetscepper; munten: Andriesgulden =

    gouden munt met de afbeelding van Sint Andries geslagen in de Bourgondische Nederlanden 1474-1491 en 1567-1571, Vierlander „oft stuver‟= benaming van een reeks zilveren munten van de Bourgondische Nederlanden geslagen 1434-1474 in Brabant, Vlaanderen, Henegouwen en Holland, Philippusgulden = gouden munt van de Bourgondische

    Nederlanden ter waarde van 25 stuivers met de afbeelding van Sint Philippus geslagen 1496-1520.

MICROFICHE 4 inventarisnummer 12996

FAMILIENAMEN [met weglating van het element soen of zoene]

    Ackerman, Adriaens, Aelbrechts, Aelst van, Aerts, Alaerts, Appelmans, Augustyns, Aynssen, Back, Bakel van, Barbiers, Becker de, Beeck van, Bellikens, Berckel van, Bergen van, Bernaerts, Bertens, Block, Bloemaerts, Bloys, Bruwer/Brouwer die, Bruyne de, Buckinck, Claessen, Cleve van, Comans, Coppens, Coudenberghe op, Daneels, Dicbier, Dorrens, Dorresten, Driessen, Ecker van den, Eliaessen, Ersroede van [vgl. later Hetsrode], Faessen, Floren, Geldere van, Ghelenborch van, Ghybens, Ghyskens, Ghysselen, Gielis, Glavyman, Goebels, Goessens, Grueninck, Haestricht van, Hagehorst van, Hamers, Hammens, Hannens, Hapart, Hapkens, Hassels, Heesbeen van, Henricx, Heyden van der, Heyen, Hoefts, Hoeymaker, Hoochstraten van, Ho[o]f